Korfbal regels

Korfbal:

Korfbal wordt gespeeld door 4 jongens en 2 meisjes per team (als het goed is) . Het veld is verdeeld in twee vakken. In het ene vak probeert het ene team te scoren, in het andere vak het andere team. In elk vak spelen van elk team 2 jongens en 1 meisje.

Regels:
– Je mag niet schieten als de verdediger tussen jou en de korf staat, je borstkas zou kunnen aanraken, daadwerkelijk probeert de bal te blokkeren en de verdediger zijn gezicht naar jou heeft gekeerd. Tijdens de wedstrijd mag je wel altijd schieten, zelfs met een verdediger die voor je staat.

– Vakwissel: Als de tijd voorbij is, wisselen alle spelers van functie. De aanvallers worden verdedigers en verdedigers worden aanvallers.

– Je moet samenspelen door de bal over te gooien naar je medespelers. Als je de bal vast hebt, mag je niet lopen of gaan dribbelen (de bal voor je stuiteren). Je mag wel een stap (naar achter) zetten (pivoteren).

– Als je tegenstander de bal vast heeft mag je niet je hand op de bal leggen of de bal uit de handen slaan of lopen.

– Bij korfbal mag je niet voetballen. Je voetbalt als de bal je knie, je onderbeen of je voet raakt. Als de bal je bovenbeen raakt is er niets aan de hand.

– Je mag voor je tegenstander gaan staan met je handen omhoog, maar je mag je tegenstander niet aanraken of over je tegenstander heen gaan hangen.

– Je mag de bal alleen met je vlakke hand aantikken of slaan. Een vuist maken en dan de bal dan wegstompen mag dus niet.

– De bal moet altijd los door de lucht zijn gegaan voordat een ander hem vangt. De bal aan een medespeler ‘geven’ zonder dat deze los is geweest, mag niet.

– Val je nadat je de bal hebt gevangen, dan mag je eerst opstaan en daarna de bal gooien. Duiken naar de bal mag niet!